Het begon als een verschrikkelijk saaie wedstrijd, die WK-finale. De eerste helft duurde voor mijn gevoel tachtig minuten. Gelukkig haalde de halftime show – die zó lang duurde dat het bijna een complete speelfilm leek – mij uit een diepe slaap. Anders hadden zeventigduizend mensen in het stadion geheid hun geld teruggeëist. Wat een poppenkast. Maar in de rust stonden er zowaar Muppets op het veld. Ook poppenkast dus. Justin Bieber was tot dat moment nog beter dan Messi en maakte zelfs meer meters. Ik kan overigens met trots vermelden dat ik vooraf geen idee had wie die knul was. (Oma)donna werd ingeklemd tussen een honderdzestig kilo wegende Ronaldo en het glimmende gebit van Ronaldinho.

Toen Madonna nog de leeftijd had dat ze er niet uitzag als een zombie, speelde Maradona tenminste nog. En Shakira? Die bleek slechts 1.57m. te zijn. Hoe klein was de rest van die figuranten dan wel niet? Maar goed, ze is inmiddels 49 en nog altijd de Tatjana van Colombia. Een prachtvrouw, en eerlijk is eerlijk: die playbackshow was nog altijd beter dan die dramatische eerste helft. Al had ik persoonlijk liever Orgel Joke uit een katapult over het stadion zien vliegen.

Spanje tegen Argentinië. De twee landen die ons al eerder een historisch trauma hebben bezorgd. Voor wie moest ik in vredesnaam zijn? Voor de ideale schoonzonen van Spanje, van wie Donald Trump vooraf al riep dat het ‘slechte mensen’ zijn? Of voor Argentinië, dat blijkbaar 26 zware criminelen had geselecteerd die rechtstreeks uit Ewouts programma Gevaarlijke Gevangenissen waren weggelopen? Terwijl de lopende corruptheid zelve, Gianni Infantino, schaamteloos op de tribune zat te glunderen, hoopte ik nog dat een Spanjaard de hand van Trump zou weigeren. Dat gebeurde natuurlijk niet. Wel grappig dat uitgerekend het land met de dikste NAVO-middelvinger de beker won ten overstaan van boze ome Donald. Gelukkig scoorde Spanje de 1-0 en kon ik de naald van mijn platenspeler definitief op Don’t cry for me Argentina laten zakken.

Maar hee, WIJ hebben uiteindelijk wél iets gewonnen op dit WK! Met trots ontving Oranje na de finale de officiële FIFA Fair Play Award. De meest sportieve ploeg van het toernooi! Slechts drie gele kaarten, allemaal in de allereerste wedstrijd tegen Japan. Daarna bleven de brave hendriken tegen Zweden, Tunesië en Marokko volledig onbestraft.

Het is een prijs waar je je als topsportland kapot voor moet schamen. Geef die trofee lekker aan Haïti of Kaapverdië, maar dit wil je toch niet? Met zulke watjes gaan we natuurlijk nooit een échte prijs winnen. Doe mij maar vijf gele en twee rode kaarten tegen Marokko, als je die pot tenminste maar wint! Dan verlang je toch direct terug naar de tijd met Van Hanegem, Neeskens, Krol, Suurbier en Rijsbergen. Dat waren tenminste nog kerels van de ruwe bolster en de blanke pit.

Maar ach, ik ga het wel missen, die vijf weken WK-gekte. Vooral de wisselmomenten. Telkens als die vierde arbiter dat elektronische bord omhoog hield, zag je daar heel prominent de sponsornaam op staan. Automatisch keek je dan toch even naar de oksels van die vierde ref.