Aangenaam. Mijn naam is Margje Oerlemans-Laros. Onder leerlingen beter bekend als juf Margje, juffrouw, juf, 'juuuhuuuuf' of soms zelfs mama of opa. Inderdaad, ik ben leerkracht. Trotse leerkracht van groep 3, 7 en 8 bij OBS Den Bussel. Graag neem ik jullie mee in mijn leven als leerkracht.
'1 april, kikker in je bil'. De meest gehoorde zin op 1 april bij ons op school. Meestal ben ik helemaal voorbereid en heb ik wat grapjes in petto voor de leerlingen, maar dit jaar was ik benieuwd waar zij mee zouden komen. Ik liet het allemaal dus maar over me heen komen.
Al bij binnenkomst in de klas, merkte ik onrust. Leerlingen liep in en uit het lokaal. Keken verrast op toen ze me zagen. Ze hebben pauze, ik dus eigenlijk ook, maar ik wilde het één en ander voorbereiden. Ze vroegen ongeduldig: “Ga je niet eten, juf?” Ik ben benieuwd wat ze uit hadden willen spoken als ik er niet geweest was. Toen de pauze voorbij was, bleek al gauw dat ze toch al best veel grapjes voorbereid hadden. Zo deed mijn computermuis het niet. Deze grap doen leerlingen elk jaar, dus inmiddels wist ik dat er een papiertje onder geplakt zat. “Huh?”, zei ik. “Mijn muis doet het niet.” Ik draaide hem om en iedereen begon te lachen.
“We beginnen met rekenen. Leg je spullen klaar, zodat we zo kunnen beginnen. Hebben jullie de werkboeken in je la?” “Nee, die liggen niet in onze la.” Ik in alle kasten zoeken naar de werkboeken. Voor de zekerheid nog bij een paar leerlingen in hun la gekeken. Geen werkboeken van rekenen. “Oké, dan beginnen we met zelfstandig werken. Pak je spullen en ga aan de slag.” Ondertussen ben ik op onderzoek uitgegaan in het lokaal. Ik vroeg nog aan de leerlingen op de achterste rij: “Liggen de werkboeken achter jullie in de kast?” “Nee, dat zijn alleen oude werkboeken.” Dus ik door met zoeken...
Een leerling was haar handen aan het wassen. Er zat zeep aan haar handen en zei: “Juf, ik krijg de kraam niet open.” Direct wist ik hoe laat het was. Ze waren namelijk bij mij plakband komen halen voor de kraan in de groep ernaast. Heeeeeel voorzichtig draaide ik de kraan open. Gelukt!
Een paar minuten later vroeg een leerling: “Juf, tot hoe laat gaan we zelfstandig werken?” Ik keek op de klok en begon te lachen. “Haha, smiechten. Jullie hebben de klok verzet. Ik wilde zeggen tot half twee, maar op deze klok is het tot kwart voor twee.”
Ineens ging het digibord uit. Ik ging op zoek naar de afstandsbediening, maar die kon ik niet vinden. Het digibord ging weer aan. Aaah! Toen had ik het door. Ik speelde mee. “Let op wat ik kan. Als ik denk dat het digibord uit moet, dan gaat hij uit. Ik bedien hem met mijn gedachten.” Er gebeurde niks. “Misschien moet ik harde denken.” Ja hoor, het digibord ging uit. Iedereen lag dubbel van het lachen. En ik zag wie de afstandsbediening had.
“Nou, nu gaan we toch echt rekenen. Dus zeg op: Waar zijn de werkboeken?” Iedereen was muisstil. Ik hoorde alleen wat gegniffel. “Oké juf, we sluiten een deal. Als wij nu de rekenboeken teruggeven, geef jij ons de antwoorden van opdracht 1 en 2.” Daar hoefde ik niet lang over na te denken. “Deal.” De leerlingen wisten niet, dat ik natuurlijk niet zomaar de antwoorden zou geven. Ik zou er uitleg bij geven hoe je aan die antwoorden komt. En dan zijn dit ook nog de makkelijkste opdrachten. Zo gezegd, zo gedaan. Wat bleek? De werkboeken lagen tóch in de kast achter in de klas!
Ik vond het erg leuk dat de leerlingen me voor de gek probeerden te houden. Op 1 april mag dat. En ik laat me op die dag dan ook graag foppen. Mijn leerlingen, mijn klas. En ik mag hun juf zijn. Hun trotse juf.
