De natuur lijdt. Na vele gortdroge weken vroeg ik me na mijn vakantie af of ik in de kerk voor regen moest bidden. Maar met een weersverwachting vol regen in aantocht leek me dat wel erg ‘bidden naar de bekende weg’. Toch zou gebed ons in alle klimaatverandering misschien juist kunnen helpen. Niet om regen af te dwingen, maar om ons met elkaar te verbinden.
Op weg naar de Efteling, door het bos van onze Duinen, en in de tuinen van onze straat zie ik alles hangen en verkleuren. Het lijkt wel herfst. De kastanjeboom voor ons huis laat, net als de eiken bij de speeltuin, een groot deel van zijn vruchten al los om de rest nog te kunnen redden. Hoe je er verder ook over denkt: dit is extreem. Mijn geboortejaar 1976, hét droogtejaar uit mijn jeugd, is ruimschoots verslagen. Als ik eerder opgeschoten bloemen uit het verdorde gras trek, zie ik dat ze niet eens verdroogd zijn. Ze zijn verbrand.
Dagblad Trouw vroeg zich af waarom een breed gedragen gebed bij de droogte uitbleef. Natuurlijk zullen in boerendorpen de zorgen van boeren in kerken genoemd zijn. Maar massaal bidden om regen, zoals vroeger, doen we niet meer. Een collega opperde dat dat misschien niet alleen komt doordat we van gebed geen regen verwachten. We zijn ons ook bewuster geworden van onze eigen rol in klimaatverandering. Moeten we God wel om een oplossing vragen, als we eerst naar onszelf moeten kijken?
Daar zit meteen het pijnpunt. We verschillen nogal van mening over onze verantwoordelijkheid voor extreem weer. En zelfs als we die erkennen: wat helpt het als ík mijn gedrag verander? Is dat niet een druppel op een gloeiendhete plaat? En is al het geld dat ermee gemoeid is geen water naar de veel te warme zee dragen? Maar stel dat we beginnen met iets eenvoudigers: samen erkennen dat er iets aan de hand is. Wat je er verder ook van vindt. Zou gebed dáár niet bij kunnen helpen?
Misschien kijk je er raar van op, maar gebed is geen verlanglijstje. Geen ‘ik vraag, U draait’. Bidden is voor mij vooral erkennen dat we niet alles in eigen hand hebben. We weten veel meer dan vroeger over weer, gezondheid en andere dingen waaraan mensen zich ooit overgeleverd voelden. Daardoor lijkt bidden soms zinloos: zo werkt het niet, of we kunnen er zelf toch iets aan doen.
Maar hoe meer we weten, hoe duidelijker ook wordt hoeveel we níét beheersen. En dat ons handelen gevolgen kan hebben die groter en destructiever zijn dan we ooit gedacht, laat staan bedoeld hadden. Misschien helpt gebed dan om bij kurkdroge zomers, kletsnatte winters, stormen en bosbranden ons vizier niet op elkaar te richten, maar op wat ons samen overkomt. Dit lossen jij en ik niet even op. We zullen elkaar wel moeten helpen, dichtbij en wereldwijd, en kijken waar de nood het hoogst is.
Mij helpt bidden om mijn eigenbelang wat losser te laten. Omdat mijn eigenbelang zomaar ten koste kan gaan van dat van een ander. We zullen er toch samen doorheen moeten. Met een beetje hulp van boven, als het kan.
Otto Grevink is dominee in De Langstraat en verbonden aan Pioniersplek Zin op School. Reacties zijn welkom op ottogrevink@gmail.com.
